De Trein der Traagheid (Johan Daisne, 1953)
Een museumdirecteur van middelbare leeftijd, naam onbekend, valt in slaap tijdens zijn wekelijkse treinreis naar huis. Bij het wakker worden, merkt hij verschillende vreemde gebeurtenissen. Iedereen in zijn coupé slaapt, buiten is het heel schemerig, terwijl hij normaal nog voor zonsondergang thuis is. Is de man een verkeerde trein ingestapt, sliep hij bij het stilstaan voor zijn station? Uit verlangen naar een sigaret kruipt hij recht van zijn bank en zoekt een praatgenoot. Hij loopt de trein door naar de laatste wagons en vindt daar eindelijk een wakkere medereiziger. Professor Hernhutter verbaast zich net als de museumdirecteur over de gemoedstoestand van de andere reizigers. Ze merken beiden dat hun uurwerk net op hetzelfde tijdstip is stilgevallen, namelijk om halfzeven. Enkele ogenblikken later komt de trein tot stilstand. Buiten zien ze een jongeman lopend en schreeuwend hun wagon passeren. De directeur en de professor stappen uit en wandelen de jongeman tegemoet. Net op dat moment trekt de trein zich weer op gang. De drie mannen staan alleen in de duisternis, in een landschap door niemand herkend, maar ook door niemand vreemd aandoend. In de verte zien ze lichtjes schijnen. Ze besluiten het licht op te zoeken en mijmeren onderweg over de vreemde gebeurtenissen op de trein. De drie mannen hadden hetzelfde meegemaakt. In slaap gevallen, maar net wakker voordat de trein stilviel. Net voor ze in slaap vielen, hadden ze dezelfde gedachten over het leven, over hoe mooi het leven was. Ze wandelden verder en na een lange tijd bereikten ze een herberg waar hen nieuwe verrassingen opwachtten.
Auteur Johan Daisne (Gent, 1912 – 1978) introduceerde het magisch-realisme in de Nederlandstalige literatuur. De Trein der Traagheid is één van zijn bekendste werken in dit genre. Het korte boekje leest vlot, en reikt de lezer een aantal stellingen aan om over na te denken. Stellingen over het leven, de dood en … de tunnel. Professor Hernhutter sprak over zijn gedachtegoed net voor hij in slaap viel, zoals over meccanostukken. Hij haalde twee mechanismen aan. Stel dat het verschijnsel der inertie, een mechanische wet, ook op het leven kan toegepast worden. Duurt het bestaan van een mens die meer gehouden heeft van het leven, wiens bestaan sterker is geweest, langer in de voorgeborchten van de dood? Een tweede zaak is het psychische automatisme. Is de dood al begonnen in het leven? Is er op het einde van het leven ergens een grensland tussen beide waar bepaalde zaken heel normaal lijken, maar waar andere dingen vreemd voorkomen?
Johan Daisne (Gent, 1912 – 1978) is geboren als Herman Thiery. Hij studeerde economische en Slavische talen aan de Gentse universiteit. Tussen 1945 en 1977 was hij hoofdbibliothecaris van de Gentse stadsbibliotheek. De auteur Daisne specialiseerde zich vooral op het magisch-realisme, het leven is een onverbreekbare eenheid van realiteit en droom. Andere literaire werken van Daisen zijn De Trap van Steen en Wolken en De Man die zijn Haar Liet Knippen.
Recente reacties